Nieuws

USQ Programmering 2021-22

USQ Programmering 2021-22

- 1. Beethoven: een leven in strijkkwartetten

 

Beethoven: Strijkkwartet in D, op. 18/3

Beethoven: Strijkkwartet in e klein, op. 59/2

Beethoven: Strijkkwartet in F, op. 135

 

Met de zes strijkkwartetten op. 18, die hij op 28-jarige leeftijd componeerde, ging Beethoven de uitdaging aan zich te meten met zijn leermeester Haydn. De 36-jarige Beethoven van op. 59 hoefde niet meer op te kijken naar zijn voorgangers. De allerlaatste compositie die Beethoven voltooide, op. 135, was ook een strijkkwartet. Zijn hoofd zat nog vol ideeën, maar het voltooien kostte de vermoeide componist veel moeite. Toen het eindelijk gelukt was, schreef hij een motto boven het laatste deel: ‘Muss es sein? Es muss sein!’

 

 

- 2. Absolute Jest: Strijkkwartet en orkest spelen John Adams

Adams: Absolute Jest (2011) voor strijkkwartet en orkest

Mahler: Sinfonie nr.10

 

Het Utrechtsch Studenten Concert verwierf in 2018 landelijke faam met hun uitvoering van Jan van Gilse’s opera Thijl in Militair Museum Soesterberg. Het uitstekende orkest, dat al bestaat sinds 1823, voert onder leiding van Bas Pollard samen met het Utrecht String Quartet een compositie van de hedendaagse componist John Adams uit. Adams liet zich inspireren door Beethoven en gebruikte citaten uit (vooral) zijn late strijkkwartetten voor een zeer verrassend orkestwerk.

 

 

- 4. De twee Weense scholen

Webern: Strijkkwartet Langsamer Satz

Beethoven: Strijkkwartet in D, op. 18/3

Webern: Bagatellen op.9

Beethoven: Strijkkwartet in F, op. 135

 

De generatie Haydn – Mozart – Beethoven wordt wel de Eerste Weense School genoemd. Toen in het begin van de twintigste eeuw Arnold Schoenberg en zijn leerlingen Alban Berg en Anton Webern een volslagen nieuwe weg in sloegen, werd al snel het etiket Tweede Weense School bedacht. Ontdek de verschillen!

 

 

- 5. De Rus in Beethoven

Webern: Strijkkwartet Langsamer Satz

Kabalevsky: Strijkkwartet nr.1

Beethoven: Strijkkwartet in e klein, op. 59/2

 

Beethoven schreef in opdracht van graaf Razoemovski drie strijkkwartetten. Om zijn opdrachtgever te plezieren, gebruikte hij een populair Russisch thema in het tweede kwartet. Ook Dmitri Kabalevski – opgegroeid met de dogma’s van socialistisch realisme – gebruikte Russische volksmuziek in zijn werk. De ‘Langsamer Satz’ dateert nog van voor Weberns atonale periode.

 

 

 

- 6. Weense virtuositeit en Argentijnse weemoed

Beethoven: Strijkkwartet in e klein, op. 59/2

Piazzolla/E. Zemtsov: Las cuatro estaciones Porteñas

 

In zijn latere strijkkwartetten hield Beethoven geen enkele rekening met technische beperkingen van zijn spelers. Zelfs gemopper van de virtuoze Schuppanzigh kon op weinig mededogen rekenen. Componist Evgeni Zemtsov maakte van Piazzolla’s ‘Vier jaargetijden van Buenos Aires’ een meesterlijke bewerking voor strijkkwartet.

 

 

-7. Romantiek en revolutie

Beethoven: Strijkkwartet in D, op. 18/3

of Verhulst: Strijkkwartet nr. 1 in d klein, op. 6/1

Szymanowski: Strijkkwartet nr. 1 in C, op. 37

Glazoenov: Strijkkwartet nr. 5 in d klein, op. 70

 

Kiest u voor Beethoven of geeft u Johannes Verhulst een kans? Het Utrecht String Quartet speelde het eerste strijkkwartet van deze onterecht vergeten Nederlandse componist van New York tot Kazachstan. En overal was het publiek enthousiast! Terwijl Szymanowski zijn eerste strijkkwartet schreef verwoestte de Russische revolutie in 1917 zijn familielandgoed. In het laatste deel knipoogt de componist naar de Vijfde Symfonie van Beethoven. Opwindende en dromerige passages wisselen elkaar af. Het Romantische Vijfde Strijkkwartet van Glazoenov zit volgepakt met de prachtigste melodieën.

 

 

- 8. Roaring twenties

H. Bosmans: Strijkkwartet

Britten: Strijkkwartet nr. 3 in G, op. 94

Barber: Strijkkwartet in b klein, op. 11

Bartók: Strijkkwartet nr. 3

Henriëtte Bosmans schreef voor de verjaardag van haar collega Willem Pijper muziek die de levenslust van de ‘roaring twenties’ ademt. Een halve eeuw later componeerde Britten zijn laatste aangrijpende noten. Twee weken voor de première van zijn derde strijkkwartet overleed hij. Barber schreef kort na de voltooiing van zijn strijkkwartet: ‘Ik heb zojuist het langzame deel van mijn strijkkwartet afgerond – It’s a knockout!’ U kent het als het wereldberoemde Adagio voor strijkers. Bartók trok met een fonograaf de bergen in om volksmuziek op te nemen. In zijn derde strijkkwartet verwerkte hij zijn indrukken. Ritmisch vuurwerk uit Hongarije!

 

 

- 9. Début -de -siècle Wien

Zemlinsky: Strijkkwartet no. 1 in a , op. 4

Kreisler: Strijkkwartet in a

Webern: Sechs Bagatellen, op. 9

Korngold: Strijkkwartet no. 2 in Es, op. 26

In the vibrant Vienna at the beginning of the twentieth century, late Romanticism sounded alongside the new music of Schoenberg and his pupils. In Zemlinsky’s quartet you can still hear a bit of Brahms, in Korngold’s quartet the Hollywood sound he developed is already forerunners. In America, Kreisler wrote a string quartet full of nostalgia for Vienna. After the ‘Anschluß’ at Nazi Germany, the three had to leave Vienna. Schoenberg’s pupil Webern represents a completely different, but no less Viennese sound: with few notes he conjures up a world of his own.